Veelgestelde vragen en antwoorden over de veranderingen in de   jeugdzorg per 1 januari 2015

 

Vanaf 1 januari 2015 zijn de gemeenten verantwoordelijk voor de jeugdhulp. Wat betekent dit voor de cliënten van TriviumLindenhof?

 

In dit overzicht staan de meestgestelde vragen (en bijbehorende antwoorden) over de komende veranderingen in de jeugdzorg.

 

De vragen en antwoorden bestaan uit twee delen:

  1. Vragen over de overgang naar het nieuwe jeugdzorgstelsel in 2015.
  2. Vragen over de nieuwe werkwijze van jeugdhulp in uw eigen gemeente.

Ten eerste:

Jeugdteam en/of sociaal (wijk)team

In de vragenlijst komt de term jeugdteam en/of sociaal (wijk)team voor. In alle gemeenten komen volgend jaar teams met jeugdhulpprofessionals.

 

Hoe de gemeenten dit team organiseren, kan verschillen per gemeente en is afhankelijk van de lokale wensen en behoeften. Ook de naam kan verschillen. Kijk op de website van de gemeente waar u staat ingeschreven wat de naam van het team in uw gemeente is.

 

DEEL 1 Vragen over de overgang naar de jeugdzorg in 2015

  1. Mijn kind krijgt nu de zorg die hij nodig heeft. Houdt mijn kind die zorg in 2015?
  2. Hoe krijg ik in 2015 nieuwe hulp voor mijn kind als de oude indicatie afloopt?
  3. Houd ik de huidige hulpverlener voor mijn kind/gezin?
  4. Is de zorg die in 2015 geboden wordt in alle gemeenten hetzelfde?
  5. Moet ik vanaf 2015 een eigen bijdrage betalen voor zorg die nu gratis is?
  6. Wat gebeurt er met het dossier van mijn kind/gezin als de verantwoordelijkheid naar de gemeenten gaat?
  7. Waar kan ik terecht met vragen over jeugdhulp in 2015?

1. Mijn kind krijgt nu de zorg die hij nodig heeft. Houdt mijn kind die zorg in 2015?

Kinderen en gezinnen die in 2014 gebruik maken van jeugdhulp en een indicatie hebben die doorloopt in 2015, kunnen deze jeugdhulp houden totdat de indicatie afloopt, uiterlijk tot 31 december 2015.

 

Bestaande jeugdhulp loopt dus door na 1 januari 2015 en stopt niet. Heeft uw kind op 31 december 2014 een indicatie voor jeugdhulp, maar krijgt uw kind – vanwege een wachtlijst – de hulp nog niet, dan houdt uw kind in 2015 het recht op die hulp, tot uiterlijk 31 december 2015.

 

Heeft uw kind een indicatie die doorloopt tot in 2016, dan zal in 2015 een medewerker van het jeugdteam/sociaal (wijk)team na overleg met u bepalen welke hulp in 2016 noodzakelijk is.

 

Uitzonderingen op deze regels zijn maatregelen voor jeugdbescherming en jeugdreclassering die door de rechter zijn opgelegd. Deze blijven in principe onveranderd van kracht.

 

naar boven

2. Hoe krijg ik in 2015 nieuwe hulp voor mijn kind als de oude indicatie afloopt?

Het indiceren door Bureau Jeugdzorg en het CIZ stopt per 1 januari 2015. Vanaf dat moment wordt de toegang tot jeugdhulp zoveel mogelijk geregeld via het jeugdteam/sociaal (wijk)team in uw gemeente. Een medewerker uit dit team bepaalt na overleg met u welke jeugdhulp nodig is.

 

Ook de huisarts, medisch specialist en jeugdarts kunnen vanaf 2015 doorverwijzen naar jeugdhulp.

 

Klik hier voor meer informatie over indicaties.

 

naar boven

3. Houd ik de huidige hulpverlener voor mijn kind/gezin?

Als uw kind op 31 december 2014 jeugdhulp ontvangt en een indicatie heeft die doorloopt in 2015, dan wordt deze hulp in principe voortgezet bij dezelfde jeugdhulpaanbieder.

 

U moet er wel rekening mee houden dat het mogelijk is dat uw kind in 2015 een andere hulpverlener bij de huidige jeugdhulpaanbieder krijgt dan de medewerker waar u nu mee te maken hebt. Medewerkers gaan mogelijk werken in een jeugdteam/sociaal (wijk)team in gemeenten en daarnaast zullen aanbieders moeten bezuinigingen. Dit heeft gevolgen voor de personeelsbezetting.

 

naar boven

4. Is de zorg die in 2015 geboden wordt in alle gemeenten hetzelfde?

Gemeenten hebben vanaf 1 januari 2015 de plicht om jeugdhulp te bieden aan kinderen en gezinnen die dit nodig hebben. Welke hulp u krijgt, kan verschillen per gemeente, omdat gemeenten zelf mogen kiezen welke hulp zij beschikbaar stellen voor hun inwoners.

 

Overigens werken sommige gemeenten, bijvoorbeeld de zeventien gemeenten in Zuid-Holland Zuid, samen voor een groot deel van de jeugdhulp. Er zullen geen grote verschillen bestaan tussen de jeugdhulp in deze gemeenten. Hulp die niet in uw eigen wijk of gemeente wordt geboden, zoals nachthulp, wordt door gemeenten gezamenlijk ingekocht.

 

naar boven

5. Moet ik vanaf 2015 een eigen bijdrage betalen voor zorg die nu gratis is?

Nee, ouders van kinderen tot 18 jaar betalen in principe geen eigen bijdrage.

 

Krijgt uw kind echter jeugdhulp waarbij uw kind buiten het gezin verblijft, dan zult u waarschijnlijk wel een ouderbijdrage (blijven) betalen. Deze ouderbijdrage wordt geheven, omdat het uitgangspunt is dat kinderen die buiten het gezin worden verzorgd minder kosten voor de ouders met zich meebrengen.

 

In het najaar van 2014 maakt het Rijk meer duidelijk over de eigen bijdrage vanaf 2015 voor kinderen die buiten het gezin verblijven.

 

naar boven

6. Wat gebeurt er met het dossier van mijn kind/gezin als de verantwoordelijkheid naar de gemeenten gaat?

Voor uw dossier geldt de privacywetgeving. Uw dossier is alleen bestemd voor u en uw hulpverlener(s) en niet voor de gemeente. Dit is bij wet geregeld.

 

Gemeenten werken momenteel aan privacyprotocollen. Uitgangspunt is dat gegevens alleen met toestemming van de cliënt of ouders worden gedeeld met andere betrokkenen.

 

naar boven

7. Waar kan ik terecht met vragen over jeugdhulp in 2015?

Dat is op dit moment nog niet voor alle gemeenten bekend. Sommige gemeenten zullen dit al op orde hebben, andere nog niet.

 

Voorlopig kunt u met vragen terecht bij de huidige hulpverlener van uw kind/gezin. Deze zal zo goed mogelijk met u proberen te kijken naar wat de veranderingen betekenen voor uw persoonlijke situatie.

 

DEEL 2 Vragen over de nieuwe werkwijze van jeugdhulp in de eigen gemeente

  1. Welke vormen van jeugdhulp gaan naar de gemeente?
  2. Bij wie kan ik in 2015 terecht als ik me zorgen maak over een kind of als ik hulp nodig heb bij de opvoeding?
  3. Wat doet het jeugdteam of sociaal (wijk)team?
  4. Wat wordt bedoeld met: één gezin, één plan, één begeleider?
  5. Ben ik verplicht om mijn sociale netwerk aan te spreken als ik hulp nodig heb voor mijn kind en/of gezin? Wat als ik geen sociaal netwerk heb om op terug te vallen voor hulp?
  6. Wie gaat de nieuwe indicaties afgeven?
  7. Wat gebeurt er als mijn kind 18 jaar wordt?
  8. Ik ga verhuizen naar een andere gemeente. Kan de zorg die mijn kind nu krijgt doorgaan?
  9. Mijn kind heeft gescheiden ouders, die niet in dezelfde gemeente wonen. Bij welke gemeente moet ik zijn voor zorg voor mijn kind?
  10. Als bepaalde zorg niet wordt aangeboden in mijn gemeente, kan ik dan in een andere gemeente terecht?

8. Welke vormen van jeugdhulp gaan naar de gemeente?

Per 1 januari 2015 is de gemeente verantwoordelijk voor: hulp bij opgroeien en opvoeden (jeugdzorg), jeugd-ggz (geestelijke gezondheidszorg voor kinderen) en jeugd-VB (hulp voor kinderen met een verstandelijke beperking).

 

naar boven

9. Bij wie kan ik in 2015 terecht als ik me zorgen maak over een kind of als ik hulp nodig heb bij de opvoeding?

Vanaf 2015 kunt u terecht bij het jeugdteam of sociaal (wijk)team in uw gemeente en bij uw huisarts, medisch specialist of jeugdarts. In sommige gemeenten is een apart Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) waar u ook in 2015 met vragen over opgroeien en opvoeden terecht kunt.

 

Klik hier voor meer informatie over het jeugdteam of sociaal (wijkteam).

 

naar boven

10. Wat doet het jeugdteam of sociaal (wijk)team?

Elke gemeente krijgt een team dat jeugdhulp biedt. Dit team bestaat uit medewerkers die hulp verlenen op het gebied van opgroeien en opvoeden, op het gebied van geestelijke gezondheidszorg en zorg kunnen verlenen aan kinderen met een verstandelijke beperking.

 

Als het team niet in staat is zelf de benodigde hulp te bieden aan een kind of gezin, wordt specialistische hulp ingeschakeld.

 

Gezinnen met meerdere hulpvragen krijgen binnen het team één vast aanspreekpunt, volgens het principe één gezin, één plan, één begeleider.

 

Het gezin maakt samen met deze begeleider een plan voor de meest passende jeugdhulp. Als dat nodig is voor de uitvoering van het plan, kan de begeleider besluiten één of meerdere extra andere hulpverleners in te schakelen. Als niet duidelijk is wat er precies moet gebeuren, kan de begeleider advies vragen aan een diagnostiekteam.

 

In de gemeente Rotterdam werken zogenaamde jeugd- en gezinscoaches vanuit de eigen organisatie. Zij zijn bijvoorbeeld nog wel in dienst bij TriviumLindenhof, maar werken voor het wijkteam jeugd en gezin, samen met collega hulpverleners uit andere organisaties.

 

De gemeenten Alblasserdam, Binnenmaas, Cromstrijen, Dordrecht, Giessenlanden, Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Hendrik-Ido-Ambacht, Korendijk en Leerdam, Molenwaard, Oud-Beijerland, Papendrecht, Sliedrecht, Strijen, Zederik en Zwijndrecht werken met elkaar samen en maken gebruik van de jeugdteams van Stichting Jeugdteams Zuid-Holland Zuid, dat speciaal hiervoor wordt opgericht. Een aantal hulpverleners van TriviumLindenhof komt straks voor deze stichting te werken.

 

naar boven

11. Wat wordt bedoeld met: één gezin, één plan, één begeleider?

Als een kind of gezin meerdere hulpvragen heeft, worden deze in samenhang aangepakt. Het gezin maakt samen met de begeleider uit het jeugdteam/sociaal (wijk)team daarom één plan van aanpak.

 

De begeleider biedt zelf hulp en kan, indien nodig, aanvullende hulp inschakelen. Door wie het kind ook wordt geholpen, de begeleider van het gezin blijft altijd betrokken als aanspreekpunt.

 

Dit is de kern van de aanpak één gezin, één plan, één begeleider. De gemeente wil hiermee bereiken dat gezinnen met meerdere hulpvragen met minder hulpverleners te maken krijgen en dat de hulp die zij ontvangen beter op elkaar wordt afgestemd.

naar boven

12. Ben ik verplicht om mijn sociale netwerk aan te spreken als ik hulp nodig heb voor mijn kind en/of gezin? Wat als ik geen sociaal netwerk heb om op terug te vallen voor hulp?

Het jeugdteam/sociaal (wijk)team vraagt gezinnen om zoveel mogelijk eerst zelf te kijken naar oplossingen waarin het eigen netwerk een rol speelt.

 

Dit is meer dan een bezuinigingsmaatregel. Het uitgangspunt is dat oplossingen in de eigen omgeving van kinderen vaak minder ingrijpend zijn dan intensieve betrokkenheid van professionele zorgverleners.

 

Indien nodig kan het eigen netwerk op ondersteuning vanuit het jeugdteam/sociaal (wijk)team rekenen.

 

In het geval dat voor de zorgvraag geen oplossing voorhanden is binnen het eigen netwerk, blijft professionele jeugdhulp beschikbaar.

 

naar boven

13. Wie gaat de nieuwe indicaties afgeven?

Vanaf 2015 worden geen indicaties meer afgegeven. Een medewerker van het jeugdteam/sociaal (wijk)team bepaalt na overleg met kind en gezin welke hulp noodzakelijk is.

 

Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen ‘vrij toegankelijke’ en ‘niet vrij toegankelijke’ jeugdhulp. Alle jeugdhulp die het team zelf biedt, is vrij toegankelijk. Wanneer het team meer specialistische hulp nodig vindt, valt dit onder de ‘niet vrij toegankelijke jeugdhulp’.

 

Het besluit van het team om wel of geen ‘niet vrij toegankelijke jeugdhulp’ in te zetten, wordt vastgelegd in een brief. Als ouders het niet eens zijn met het besluit, kunnen zij daar bezwaar tegen maken.

 

naar boven

14. Wat gebeurt er als mijn kind 18 jaar wordt?

Voor kinderen in de jeugdreclassering en kinderen die hulp krijgen bij opgroeiproblemen, kan deze hulp doorlopen tot maximaal het 23e levensjaar als voortzetting van de hulp noodzakelijk is.

 

Dit is onder de voorwaarde dat deze hulp niet onder een ander wettelijk kader valt, zoals de Zorgverzekeringswet, Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Als dat wel het geval is, kunnen afspraken worden gemaakt over de overdracht van uw dossier.

 

naar boven

15. Ik ga verhuizen naar een andere gemeente. Kan de zorg die mijn kind nu krijgt doorgaan?

Of u jeugdhulp krijgt en hoe deze eruit zal zien in uw nieuwe woongemeente is niet op voorhand te zeggen. Ons advies is om zo snel mogelijk contact op te nemen met uw nieuwe woongemeente.

 

naar boven

16. Mijn kind heeft gescheiden ouders, die niet in dezelfde gemeente wonen. Bij welke gemeente moet ik zijn voor zorg voor mijn kind?

U kunt voor hulpvragen terecht in de gemeente waar de ouder met het ouderlijk gezag woont.

Het woonadres van de ouder met het gezag is leidend. De gemeente waar uw kind zijn woonplaats heeft, is dus in principe verantwoordelijk.

 

Als de gescheiden ouders in verschillende gemeenten wonen en uw kind bij beide ouders woont, moet een hoofdverblijf worden aangewezen. De rechter kan bij de scheidingsuitspraak het hoofdverblijf bepalen. Als het hoofdverblijf niet door de rechter is bepaald, geven de ouders aan wat het hoofdverblijf van hun kind is.

 

Kunnen of willen de ouders dit niet aangeven, dan overleggen de beide gemeenten met elkaar welke gemeente de hulp zal bieden. De verantwoordelijke gemeente is de gemeente waar de jeugdhulp in het belang van uw kind binnen zijn sociale netwerk (school, sport en vriendenkring) kan worden georganiseerd.

 

naar boven

 

17. Als bepaalde zorg niet wordt aangeboden in mijn gemeente, kan ik dan in een andere gemeente terecht?

 

Bij elk gezin wordt gekeken welke hulp passend is. Het jeugdteam of sociaal (wijk)team probeert in eerste instantie binnen de gemeente maatwerk te leveren.

Als gemeenten hierover onderlinge afspraken hebben gemaakt, kan eventueel worden uitgeweken naar een andere gemeente. Cliënten hebben hier echter geen recht op.

 

naar boven

 

LET OP: Omdat ook TriviumLindenhof op dit moment nog niet alle veranderingen kan overzien, kunnen aan de informatie in dit overzicht geen rechten worden ontleend.

Deel dit artikel